“Het is niet de criticus die telt; niet degene die ons erop wijst waarom de sterke man struikelt, of wat de man van de daad beter had kunnen doen.

De eer komt toe aan de man die daadwerkelijk in de arena staat, zijn gezicht besmeurd met stof, zweet en bloed; die zich kranig weert; die fouten maakt en keer op keer tekortschiet, omdat dat nu eenmaal onvermijdelijk is;

die desondanks toch probeert iets te bereiken; die groot enthousiasme en grote toewijding kent; die zich helemaal geeft voor de goede zaak;

die, als het meezit, uiteindelijk de triomf van een grootse verrichting proeft, en die, als het tegenzit en als hij faalt, in elk geval grote moed heeft getoond …”

 `De man in de Arena`, Theodore Roosevelt

Leven, als je echt wil leven, kun je niet zonder moed. We zijn nou éénmaal kwetsbaar, of we hier ons nou tegen verzetten of niet. Dat is een onmiskenbaar feit. We kunnen worden ontslagen en ons inkomen dreigen te verliezen. De liefde van je leven kan bij je weggaan. Er kan oorlog uitbreken. Mensen waar je van houdt, kunnen sterven. Het leven kent nauwelijks zekerheden. Toch kunnen we niet zonder het besef van die kwetsbaarheid, omdat het ons laat genieten van elkaar, dankbaar laat zijn en diepe verbinding laat voelen.  Je ontkomt niet aan kwetsbaarheid en stiekem willen we dat ook niet.

Ik leerde al vroeg hoe ongelooflijk eng het leven kan zijn. Mijn wapen daar tegen, was heel lang het ontkennen van kwetsbaarheid en dus niet echt leven. Echt leven, daar hoorden ook echt lief hebben bij en dat durfde ik niet meer.  Vanaf die tijd hebben ik en heel veel lieve mensen om mij heen meegewerkt aan het vergroten van mijn moed. Mijn onstuimige nieuwsgierigheid naar alles wat met het leven te maken heeft, bleek gelukkig niet te kunnen verharden.

Boksen heeft hierin altijd een erg grote rol gespeeld. Je kunt niet leren boksen zonder je kwetsbaar te voelen, want tijdens het boksen ben je kwetsbaar. Je kunt elk moment een stoot krijgen die niet prettig is. Die je pijn kan doen. Alle fases van vechten, vluchten en bevriezen heb ik ruimschoots doorlopen. Steeds op zoek naar een manier om daarmee om te leren gaan.

Ergens klinkt het raar. Iemand die snel bang is en dan voor boksen kiest. Toch was dat juist het beste wat ik ooit gedaan heb. Een sport waar steeds weer moed voor nodig is. Waar je keer op keer een spiegel voorgehouden krijgt. Gedwongen wordt om in gesprek te gaan met jezelf. Tijdens het boksen kan alles wat er speelt in je leven uitvergroot worden. De confrontaties die je daarvoor nog kon ontlopen, komen recht op je af en je moet er wat mee. Steeds weer een stukje angst aangaan, zodat je sterker verder kunt. Dit klinkt heel heftig, maar het verloopt erg geleidelijk. Na een tijd kijk je terug op jezelf en denk je ´wauw wat ben ik gegroeid! Dat is wat boksen doet.

Nu zoveel jaren verder, durf ik daardoor mijn onzekerheden met jullie te delen. Ook omdat ik weet dat we allemaal even kwetsbaar zijn en ons allemaal daar bij tijd en wijle voor schamen. Laten we stoppen met elkaar te bekritiseren en de arena ingaan. Moed tonen, samen.

 



Fotografie: Pieter Geerts